De staat van de universiteit, een rechtsvergelijkende studie naar de institutionalisering van de universiteit in Nederland, Frankrijk en Nordrhein-Westfalen
Leverbaar
De rol van universiteiten, het overdragen van kennis en het uitbreiden van de beschikbare kennis door middel van onderzoek, lijkt sinds de oprichting van de eerste universiteit in Bologna in 1140 een constante. De universiteit als institutie heeft daarentegen ingrijpende veranderingen doorgemaakt. De aanvang van de staatscontrole over de universiteiten en de incorporatie ervan in de publieke dienst vanaf het begin van de negentiende eeuw, zoals de instelling van de Université Impériale door Napoleon I en van de Universität von Berlin door Von Humboldt, wordt in het algemeen beschouwd als het begin van de moderne universiteit, samenhangend met de moderne staatsvorm van de natiestaat De universiteit komt aan de top te staan van de onderwijspyramide. Aan het eind van de twintigste eeuw is de legitimiteit van de natiestaat ter discussie komen te staan. Door processen als privatisering, deregulering en accountability komen de universiteiten in een ander verantwoordelijkheidsrelatie tot hun omgeving te staan. In Nederland heeft deze beweging geleid tot de Wet modernisering universitaire bestuursstructuren, die de bestuursorganisatie van de Nederlandse universiteit ingrijpend heeft veranderd. In het onderzoek waarop zij op 19 september aan de Universiteit Twente promoveerde, gaat de schrijf -ster na hoe de wettelijke vormgeving van universiteiten in Nederland, Frankrijk en Nordrhein-Westfalen zich tot elkaar en tot de expliciete uitgangspunten van de wetgevers met betrekking tot de universiteiten in dat land verhoudt
Ingenaaid | 242 pagina's | Nederlands
Verschenen in 2003
Rubriek: