Nederlandse milieurichtlijnen en de beste beschikbare technieken; verslag van de 95e ledenvergadering van de Vereniging voor Milieurecht op 28 maart 2007
Leverbaar
Nederlandse milieurichtlijnen spelen van oudsher een belangrijke rol bij de verlening van milieuvergunningen. Ze worden ook wel aangeduid als pseudo-wetgeving. De juridische betekenis van de richtlijnen die in het kader van hoofdstuk 8 Wet milieubeheer (Vergunningen en algemene regels) worden opgesteld, is veranderd met de invoering per 1 december 2005 van het uitgangspunt van de beste beschikbare technieken in de Wet milieubeheer. Met de ministeriële Regeling aanwijzing BBT-documenten (28 november 2005) is bepaald met welke Europese (BREF-documenten) en met welke nationale documenten (in het bijzonder richtlijnen) rekening moet worden gehouden. De milieurichtlijnen hebben daarmee een wettelijke basis gekregen. Op 28 maart 2007 organiseerde de Vereniging voor Milieurecht een studiemiddag over de betekenis van milieurichtlijnen voor de praktijk van het milieurecht in Nederland in algemene zin en de relatie met het begrip beste beschikbare technieken. De inleidingen werden verzorgd door prof. mr. H.E. Bröring (hoogleraar Integrale Rechtsbeoefening, Rijksuniversiteit Groningen), mr. H.C. Borgers (beleidscoördinator regelgeving DGM, ministerie van VROM) en mr. T.C. Leemans (Afdeling Bestuursrechtspraak, Raad van State). Als referenten traden op mw. mr. I.P Sievers (ministerie van VROM) en de heer mr. J.H.G. van den Broek (VNO-NCW). Na afloop van de inleidingen en de reacties van de referenten vond een plenaire discussie plaats met de aanwezigen in de zaal. De studiemiddag werd voorgezeten door prof. mr. R. Uylenburg (voorzitter van de Vereniging voor Milieurecht en hoogleraar natuurbeschermingsrecht bij het Centrum voor Milieurecht, Universiteit van Amsterdam). De teksten van de inleidingen, de reacties van de referenten en het verslag van de discussie zijn in deze bundel opgenomen.
Ingenaaid | 85 pagina's | Nederlands
Verschenen in 2007
Rubriek: