Op Borgsom Vrij; Schorsing van de Voorlopige Hechtenis en Rechterlijke Bevelen ter Handhaving van de Openbare Orde onder Zekerheidstelling
Leverbaar
In dit proefschrift is onderzoek verricht naar de positionering en toepassing van de borgsom (zekerheidstelling) als alternatief voor vrijheidsbeneming in het huidige Nederlandse straf(proces)recht. In 1926 is de modaliteit van invrijheidstelling onder borgsom in het Wetboek van Strafvordering (her)ingevoerd (artikel 80 Sv). Dit alternatief voor voorlopige hechtenis is in Nederland nooit echt aangeslagen en leidt een vrijwel onbekend bestaan in de huidige strafrechtpraktijk. Waarom wordt de borgsom in de praktijk zo zelden toegepast? Is de borgsom wel een echt alternatief voor voorlopige hechtenis? Wordt de borgsom in de ons omringende landen wel toegepast? Hoe wordt de ‘persoonlijke vrijheid’ in ons huidige strafprocesrecht gewaarborgd? En leidt toepassing van de borgsom eigenlijk niet tot een vorm van klassenjustitie? In dit onderzoek is in het bijzonder aandacht besteed aan de huidige nationale regelgeving, rechtspraak van het Europese Hof voor de Rechten van de Mens en empirische studies naar de borgsompraktijk vanaf 1926. Daarnaast wordt ingegaan op recente Europese regelgeving (zoals het Kaderbesluit Europees Surveillancebevel), zijn buitenlandse borgsomstelsels uitvoerig geanalyseerd en is een aantal aanvullende empirische studies verricht naar het gebruik en toepassing van de borgsom anno 2008. Het proefschrift is afgesloten met aanbevelingen en een aantal concrete wetsontwerpen.
547 pagina's | Nederlands
Verschenen in 2009
Rubriek: