Specialisatie loont?; Ervaringen van grote ondernemingen met specialistische rechtspraakvoorzieningen
Leverbaar
In opdracht van de Raad voor de rechtspraak hebben onderzoekers van de Radboud Universiteit Nijmegen vijf specialistische ‘gerechten’ onderzocht. De kernvragen bij dit onderzoek waren: Wat zijn de ervaringen van grote ondernemingen in ons land met een vijftal specialistische ‘gerechten’? Hoe waarderen zij de geboden dienstverlening in vergelijking met zowel buitengerechtelijke voorzieningen (als arbitrage, bindend advies en mediation) als buitenlandse voorzieningen? De onderzochte specialistische voorzieningen zijn de Ondernemingskamer van het gerechtshof Amsterdam, de Octrooikamer van de rechtbank Den Haag, de voorziening voor grote bestuursrechtelijke mededingings- en telecommunicatiezaken en de ‘natte’ kamer van de rechtbank Rotterdam, en het College van Beroep voor het Bedrijfsleven. Op grond van interviews en expertmeetings met partijen, medewerkers, advocatuur en wetenschappers, en analyse van registraties, concluderen zij dat specialisatie in dit soort zaken wenselijk of zelfs noodzakelijk is en de huidige kwaliteit van de geschilafdoening hoog wordt gekwalificeerd. Concentratie van deze zaken is noodzakelijk, gegeven de vereiste ‘ervaring’ en kennis van de economische sector die men als rechter moet opdoen en de waarborging van de rechtseenheid in afdoening. Het kwaliteitsoordeel ziet met name op de mate waarin degelijk gemotiveerd daadwerkelijke knopen worden doorgehakt in het geschil op een wijze waarmee partijen ‘verder kunnen’. Punt van zorg vormt met name de lange doorlooptijd.
384 pagina's | Nederlands
Verschenen in 2010
Rubriek: