trefwoord
Surseance van betaling: uitstel als laatste redmiddel
Wanneer een onderneming haar schulden niet meer kan betalen, dreigt faillissement. Maar er bestaat een alternatief: surseance van betaling. Deze juridische procedure biedt ondernemingen tijdelijk bescherming tegen schuldeisers, om zo reorganisatie mogelijk te maken. In tegenstelling tot een faillissement blijft de onderneming tijdens surseance bestaan en behoudt het bestuur in beginsel de zeggenschap, zij het onder toezicht van een bewindvoerder.
Surseance van betaling is letterlijk uitstel van betaling dat door de rechter wordt verleend. Het doel is een akkoord met schuldeisers te bereiken, zodat de onderneming doorgang kan vinden. Deze procedure heeft echter wel consequenties: schuldeisers kunnen tijdelijk niet verhalen, maar de onderneming krijgt ook niet zomaar een schone lei.
Spotlight: Bob Wessels
Boek bekijken
Het juridische raamwerk
Surseance van betaling is een van de drie hoofdinstrumenten uit de Faillissementswet, naast faillissement en schuldsanering natuurlijke personen. De procedure kent strikte regels: een rechter moet de surseance verlenen, er wordt een bewindvoerder benoemd die toezicht houdt, en het bestuur blijft in principe aan, maar moet rekening houden met de bewindvoerder.
Tijdens de surseance krijgt de onderneming de mogelijkheid een akkoord met schuldeisers voor te leggen. Gaat een meerderheid akkoord, dan kunnen ook de andere schuldeisers worden gebonden. Dit wordt een dwangakkoord genoemd. Lukt het niet om een akkoord te bereiken, dan volgt meestal alsnog faillissement.
Boek bekijken
Auteurs die schrijven over 'surseance van betaling'
Van theorie naar praktijk
Voor ondernemers in financiële problemen is de vraag niet zozeer wat surseance juridisch inhoudt, maar of het een oplossing biedt. De praktijk wijst uit dat surseance alleen zinvol is wanneer de onderneming nog levensvatbaar is. Gaat het om tijdelijke liquiditeitsproblemen die opgelost kunnen worden, dan kan surseance ruimte bieden. Zijn de fundamentele problemen structureel, dan biedt de procedure slechts uitstel.
De laatste jaren zijn er alternatieven bijgekomen, zoals de Wet Homologatie Onderhands Akkoord (WHOA). Deze wet biedt meer flexibiliteit en is vaak geschikter voor ondernemingen die nog volop in bedrijf zijn maar onder een te zware schuldenlast gebukt gaan.
Boek bekijken
Een surseance van betaling is er juist op gericht het vermogen van de schuldenaar in stand te laten door hem uitstel van betaling te geven. Doel van een surseance is de schuldenaar tijd en gelegenheid te geven zijn zaken op orde te krijgen. Uit: Insolventierecht
Moderne ontwikkelingen: de WHOA
Sinds 1 januari 2021 is de WHOA in werking getreden. Deze wet biedt ondernemingen de mogelijkheid om buiten faillissement of surseance een dwangakkoord met schuldeisers te bereiken. Het grote voordeel ten opzichte van surseance: de procedure kan besloten plaatsvinden, zonder dat het in het insolventieregister wordt ingeschreven. Dat voorkomt imagoschade en verlies van klanten of leveranciers.
De WHOA gaat verder dan schuldsanering alleen. Ook lopende overeenkomsten kunnen worden aangepast of beëindigd, wat in een surseance meestal niet mogelijk is. Denk aan het wijzigen van huurcontracten of leaseovereenkomsten. Deze flexibiliteit maakt de WHOA voor veel ondernemingen aantrekkelijker dan surseance van betaling.
Boek bekijken
Alternatieven en procedures
Surseance is niet de enige uitweg voor een onderneming in zwaar weer. Een onderhands akkoord met schuldeisers kan sneller en flexibeler zijn. Ook de pre-pack – een vooraf geregelde doorstart bij faillissement – wordt steeds vaker toegepast. En dan is er dus de WHOA, die eigenlijk het beste van beide werelden combineert: de mogelijkheid tot dwangakkoord zonder de openbaarheid van surseance.
De keuze hangt af van de specifieke situatie. Heeft de onderneming vooral problemen met één of enkele grote schuldeisers, dan werkt een onderhands akkoord vaak het beste. Zijn er veel schuldeisers met uiteenlopende belangen, dan biedt een formele procedure zoals surseance of de WHOA meer kans van slagen.
Boek bekijken
Boek bekijken
Gevolgen voor werknemers
Een aspect dat ondernemers vaak over het hoofd zien, zijn de arbeidsrechtelijke gevolgen van surseance. Anders dan bij faillissement blijven arbeidsovereenkomsten tijdens surseance gewoon doorlopen. De bewindvoerder kan wel meewerken aan ontslag, maar moet daarvoor toestemming vragen aan de rechter-commissaris. Voor werknemers biedt surseance dus meer zekerheid dan faillissement.
Aan de andere kant kunnen lonen en vergoedingen onder druk komen te staan. Wanneer de onderneming geen geld heeft om salarissen te betalen, ontstaat er een lastige situatie. Het UWV kan in bepaalde gevallen uitkering verlenen, maar dat is geen automatisme. Deze spanning tussen continuïteit en arbeidsrechtelijke bescherming maakt surseance complex.
Boek bekijken
Bijna failliet? Zo los je het op Gemiddeld wachten ondernemingen zestien maanden te lang voordat ze hulp zoeken. Door tijdig in te grijpen, bijvoorbeeld met surseance of een alternatief, kunnen veel problemen voorkomen worden. Stilzitten maakt alles alleen maar erger.
Doorstarten na surseance
Wanneer tijdens surseance blijkt dat een akkoord niet haalbaar is, hoeft dat niet het einde te betekenen. Een doorstart – waarbij (een deel van) de onderneming wordt voortgezet in een nieuwe structuur – kan alsnog uitkomst bieden. Soms gebeurt dit nog tijdens de surseance, soms pas na een daaropvolgend faillissement.
Bij een doorstart is het belangrijk te weten dat bepaalde schulden kunnen meekomen, vooral wanneer werknemers overgaan naar de nieuwe onderneming. Ook hier speelt de bewindvoerder een cruciale rol: hij moet toestemming geven en toezien op een eerlijke gang van zaken.
Boek bekijken
Boek bekijken
Surseance als strategische keuze
De beslissing om surseance aan te vragen moet weloverwogen zijn. Het is geen wondermiddel en brengt ook nadelen met zich mee: de openbaarheid kan klanten en leveranciers afschrikken, de procedure kost geld, en er is geen garantie op succes. Toch kan surseance de juiste keuze zijn wanneer een onderneming tijd nodig heeft om een doorstart voor te bereiden of een akkoord te bereiken.
De komst van de WHOA heeft het speelveld veranderd. Voor veel situaties waarin vroeger surseance de enige optie was, biedt de WHOA nu een discreter en flexibeler alternatief. Toch blijft surseance van betaling relevant, vooral wanneer een formele, openbare procedure juist gewenst is om druk op schuldeisers uit te oefenen. Welke route ook gekozen wordt: zonder deskundige begeleiding is de kans op mislukken groot. Juridische en financiële expertise zijn onmisbaar om de beste uitkomst te bereiken.