Op werkdagen voor 23:00 besteld, morgen in huis Gratis verzending vanaf €20
e.a.

Pensioen en de belangrijkste toekomstvoorzieningen

Specificaties
Paperback, 628 blz. | Nederlands
Sdu | 11e druk, 2020
ISBN13: 9789012405461
Sdu 11e druk, 2020 9789012405461
Onderdeel van serie Fiscale geschriften
Op voorraad | Vandaag voor 21:00 uur besteld, morgen in huis

Samenvatting

In dit boek komen de drie pijlers van toekomstvoorzieningen aan bod. De inhoud is afgestemd op de behoefte in het onderwijs en in de praktijk. Toekomstvoorzieningen betreffen een breed terrein waarbij heel diverse regelgeving een rol speelt. Deze drie pijlers staan enerzijds op zichzelf, anderzijds zijn ze nauw met elkaar verweven. De wet- en regelgeving die ten grondslag ligt aan deze pijlers is zeer divers van aard. Civiel en fiscaal recht, Europees en internationaal recht als ook socialezekerheidsrecht liggen ten grondslag aan en beheersen deze pijlers. Daarom is in dit boek gekozen voor een thematische aanpak, waardoor de onderwerpen besproken kunnen worden met inachtneming van de diverse wet- en regelgeving die daarop van toepassing is en waarbij de samenhang tussen de pijlers aan bod kan komen.

In alle hoofdstukken staat het individu centraal, vanuit dit perspectief is het boek geschreven. De kernthema’s van dit boek zijn: pensioenbegrip, AOW en Anw, driehoeksverhouding in de Pensioenwet, governance en bestuursmodellen, werknemerspensioen in de loonsfeer, beroepspensioen en netto pensioen, fiscale aspecten rondom vervroegde uittreding en langer doorwerken, civiele en fiscale aspecten van dga-pensioen en de afschaffing van pensioenopbouw in eigen beheer, civiele en fiscale aspecten van pensioendeling bij echtscheiding, belastingen en pensioenen in EU-context, particulier en overheidspensioen in het OESO-Modelverdrag, civiele en fiscale aspecten van (internationale) waardeoverdracht, lijfrenten, inclusief de nettolijfrente, banksparen, en nabestaandenvoorzieningen.

Dit boek is tot stand gekomen door de samenwerking tussen de praktijk, Tilburg University en Maastricht University.

De auteurs van dit boek zijn: prof. dr. A.H.H. Bollen-Vandenboorn (Maastricht University), mr. B.T. Broers CPL (APG), mr. H.P.M. van Bijnen (Belastingdienst), dr. B. Dieleman (Loyens & Loeff / Tilburg University), em. prof. dr. G.J.B. Dietvorst (Tilburg University), mr. N. Hanssen CPL (Nationale Nederlanden), mr. drs. J. Kleuters CPL (APG), mr. drs. P.H. Schonewille RA (Europese Commissie), mr. R.J.M. Schreurs (Achmea), dr. B. Starink (Tilburg University / PwC Amsterdam), prof. dr. M.J.G.A.M. Weerepas (Maastricht University) drs. N.M. Winter (KWPS Amsterdam).

Specificaties

ISBN13:9789012405461
Taal:Nederlands
Bindwijze:paperback
Aantal pagina's:628
Uitgever:Sdu
Druk:11
Verschijningsdatum:17-1-2020
Hoofdrubriek:Pensioenrecht
ISSN:

Over Anouk Bollen-Vandenboorn

Dr. A.H.H. Bollen-Vandenboorn is universitair docent bij de capaciteitsgroep Belastingrecht van de Universiteit Maastricht.

Andere boeken door Anouk Bollen-Vandenboorn

Inhoudsopgave

Voorwoord / 15
Lijst van afkortingen / 19
1 Wat is pensioen? Een inleidende zoektocht naar een definitie / 21
1.1 Inleiding / 21
1.2 Korte historische pensioenreis / 22
1.3 Mogelijke criteria / 23
1.3.1 Naamgeving / 23
1.3.2 Doelgroep en relatie met arbeid / 24
1.3.3 Vrijwillig of verplicht? / 25
1.3.4 Welke ‘risico’s’ worden gedekt? / 25
1.3.5 De looptijd / 25
1.3.6 Inhoud van de voorziening / 25
1.3.7 De instelling waar het pensioen is ondergebracht / 27
1.3.8 De wijze van financiering / 27
1.3.9 De zekerheid/onvoorwaardelijkheid van pensioenrechten / 28
1.4 Literatuur / 29
1.5 Wetgeving / 31
1.5.1 Pensioen- en spaarfondsenwet (PSW) / 31
1.5.2 Pensioenwet (PW) / 32
1.5.3 Algemene Ouderdomswet (AOW) / 33
1.5.4 Wet verevening pensioenrechten bij scheiding (WVPS) / 34
1.5.5 Wet verplichte deelneming in een bedrijfstakpensioenfonds 2000 (Wet Bpf 2000) / 34
1.5.6 Wet op de loonbelasting 1964 (Wet LB 1964) / 35
1.5.7 Wet inkomstenbelasting 2001 (Wet IB 2001) / 36
1.5.8 Burgerlijk Wetboek (BW) / 37
1.5.9 Wetgeving inzake gelijke behandeling / 37
1.6 Jurisprudentie / 37
1.6.1 Hoge Raad 27 februari 1998 / 38
1.6.2 Rechtbank Den Haag 28 augustus 2002 / 38
1.6.3 Hoge Raad 16 september 2005 / 39
1.7 Pensioenontwikkelingen / 39
1.7.1 Pensioenakkoord 2010 / 41
1.7.2 Uitwerkingsmemorandum / 44
1.7.3 Voorgestelde en weer ingetrokken fiscale wetsvoorstellen / 46
1.7.4 Tussentijdse ontwikkelingen / 49
1.7.5 Ontwikkelingen in 2013 en 2014 / 56
1.7.6 Wetgeving vanaf 1 januari 2015 / 58
1.7.7 Toekomst van het pensioenstelsel / 63
1.7.8 Principeakkoord vernieuwing pensioenstelsel in 2019 / 69
1.8 Conclusie / 72
2 AOW en Anw / 73
2.1 Inleiding / 73
2.2 Korte geschiedenis verhoging AOW-leeftijd / 75
2.3 Premieheffing / 81
2.3.1 Nationale regelgeving / 81
2.3.2 Vrijwillige verzekering / 92
2.3.3 Gemoedsbezwaarden / 95
2.3.4 KB 746 / 96
2.3.5 Europese regelgeving / 99
2.4 Uitkeringen / 103
2.4.1 AOW / 103
2.4.2 De uitkering / 105
2.4.3 In het buitenland wonende gerechtigden / 112
2.4.4 Anw / 115
2.4.5 De uitkering / 118
2.4.6 In het buitenland wonende gerechtigden / 118
2.5 Belastingheffing over de uitkeringen / 119
3 Driehoeksverhouding in de Pensioenwet / 121
3.1 Inleiding / 121
3.2 Inleiding pensioenwetgeving: korte uiteenzetting van de Pensioenwet en andere wetten die gerelateerd zijn aan pensioen / 121
3.3 Beknopte beschrijving van hoofdstuk 1 t/m 8 PW / 122
3.3.1 Doel Pensioenwet / 135
3.4 Pensioenovereenkomst tussen werkgever en werknemer / 137
3.4.1 Aanbod, aanvaarding, verwerping / 138
3.4.2 Bepalingen in de pensioenovereenkomst / 142
3.4.2.1 Karakter pensioenovereenkomst / 143
3.4.2.2 Betalingsvoorbehoud werkgever / 144
3.4.2.3 Toeslagverlening en ambitievoorwaarden / 145
3.4.2.4 Beperking onderscheid naar leeftijd bij verwerving en aanbod / 146
3.4.2.5 Tijdsevenredige verwerving pensioenaanspraken / 148
3.5 Informatieverstrekking aan de deelnemer / 149
3.5.1 Pensioen 1-2-3 / 149
3.6 Uitvoeringsovereenkomst tussen werkgever en pensioenuitvoerder / 152
3.6.1 De onderbrengingsplicht / 152
3.6.2 Bepalingen in de uitvoeringsovereenkomst / 155
3.7 Pensioenreglement tussen werknemer en pensioenuitvoerder / 157
3.7.1 Opstellen pensioenreglement / 157
3.7.2 Inhoud pensioenreglement / 157
3.8 Bestuursmodellen, communicatie- en informatieverplichtingen / 158
3.9 Het nieuwe pensioencontract: verschuiving risico en aansprakelijkheid / 160
3.9.1 Noodzaak herziening pensioenstelsel / 161
3.9.2 Financieel Toetsingskader / 164
4 Pension Fund Governance: besturen van pensioenfondsen / 167
4.1 Inleiding / 167
4.2 Algemeen kader / 168
4.2.1 Onderbrengingsplicht van de werkgever / 168
4.2.2 Belanghebbenden bij een pensioenfonds / 168
4.2.3 Taken van een pensioenfonds bij de uitvoering van een
pensioenregeling / 169
4.2.4 Ontwikkelingen rondom de Wet versterking bestuur pensioenfondsen / 170
4.2.5 De Wet versterking bestuur pensioenfondsen / 173
4.3 Inrichting van een pensioenfonds / 175
4.3.1 Ondernemingspensioenfonds en bedrijfstakpensioenfonds / 175
4.3.2 De bestuursmodellen / 176
4.3.2.1 Bestuur / 176
4.3.2.2 Taken en verantwoordelijkheden van en eisen aan het bestuur / 184
4.3.2.3 Intern toezicht bij het paritaire model en onafhankelijke model (art. 103 jo. 104 PW) / 189
4.3.2.4 Verantwoording en medezeggenschap / 194
4.3.3 Schematisch overzicht van de organen in de bestuursmodellen conform de Wet versterking bestuur pensioenfondsen / 200
4.3.4 Hoe kies je een bestuursmodel? / 204
4.4 Evaluatie Wet versterking bestuur pensioenfondsen / 207
4.5 Actuele ontwikkelingen / 218
5 Risicomanagement pensioenfondsen / 221
5.1 Inleiding / 221
5.2 Integraal risicomanagement / 222
5.3 Risicomanagementbeleid, inrichting en proces / 227
5.3.1 Volwassenheidsniveau integraal risicomanagement / 228
5.4 De sleutelfunctiehouder risicobeheer / 228
5.5 Eigen risicobeoordeling / 229
5.6 Risico’s van een pensioenfonds / 232
6 Werknemerspensioen in de loonsfeer, beroepspensioen en nettopensioen / 241
6.1 Inleiding / 241
6.2 Is pensioen loon? / 241
6.2.1 Omkeerregel (art. 10 en 11 Wet LB 1964) / 243
6.3 Pensioenregeling (art. 18 Wet LB 1964) / 244
6.3.1 Pensioenvormen / 245
6.3.1.1 Ouderdomspensioen / 245
6.3.1.2 Nabestaandenpensioen / 252
6.3.1.3 Arbeidsongeschiktheidspensioen / 253
6.3.2 Erkende verzekeraar (art. 19a Wet LB 1964) / 254
6.4 Pensioensystemen / 256
6.4.1 Eindloonregeling / 257
6.4.2 Middelloonregeling / 258
6.4.3 Vastebedragenregeling / 259
6.4.4 Kapitaalovereenkomst / 260
6.4.5 Beschikbarepremieregeling / 261
6.4.6 Combinaties / 262
6.4.6.1 Hybride pensioenregelingen / 263
6.5 Pensioengevend loon en diensttijd / 266
6.5.1 Diensttijd / 266
6.5.2 Pensioengevend loon met aftoppingsgrens / 270
6.6 Toelaatbare overschrijdingen pensioennormen / 272
6.7 Toetsing pensioenregeling / 276
6.8 Onregelmatige afwikkeling van een pensioenregeling / 277
6.9 Witteveenkader voor beroepspensioen / 279
6.9.1 Pensioengrondslag en begrenzing / 280
6.9.2 Fiscale behandeling van vrijwillige pensioenpremies / 283
6.9.3 Uitkeringen en bovenmatige pensioengrondslag / 283
6.10 Nettopensioen / 285
7 Flexibilisering van pensioen / 295
7.1 Inleiding / 295
7.2 Ontwikkelingen Witteveen-wetgeving / 296
7.2.1 Wet fiscale behandeling van pensioenen / 296
7.2.1.1 Bepalingen pre-Witteveen / 297
7.2.1.2 Witteveen-regime / 297
7.2.2 Vervroeging ouderdomspensioen / 297
7.2.2.1 Dienstjarenkorting / 297
7.2.2.2 Actuariële korting / 298
7.2.2.3 Gemis aan AOW / 299
7.2.2.4 Partnerpensioen / 300
7.2.2.5 Doorwerken en pensioenvervroeging / 301
7.2.3 Vormen van vroegpensioen / 302
7.2.3.1 Overbruggingspensioen / 302
7.2.3.2 VUT / 303
7.2.3.3 Prepensioen / 305
7.3 Wet VPL / 307
7.3.1 Wet aanpassing fiscale behandeling VUT/prepensioen en introductie levensloopregeling / 307
7.3.2 Gevolgen invoering Wet VPL voor vroegpensioen / 308
7.3.2.1 Overbruggingspensioen en prepensioen / 308
7.3.2.2 VUT-regelingen / 308
7.3.3 Overgangsrecht / 309
7.3.3.1 Bestaande regeling voor VUT, prepensioen en overbruggingspensioen / 309
7.3.3.2 Werknemers geboren vóór 1950 / 309
7.3.3.3 Bestaande aanspraken op vroegpensioen / 310
7.3.3.4 Afkoop prepensioen / 310
7.3.3.5 Arbeidsongeschiktheid en Wet VPL / 311
7.4 40-deelnemingsjarenpensioen / 311
7.4.1 Toepassing 40-deelnemingsjarenpensioen / 312
7.4.2 Voorwaarden toekenning 40-deelnemingsjarenpensioen / 312
7.4.3 Verhoging: 40-deelnemingsjarenpensioen / 313
7.5 Regeling voor vervroegde uittreding (RVU) / 314
7.5.1 Eindheffing / 314
7.5.2 Kwalificatie als VUT-regeling / 315
7.5.2.1 Handreiking van 28 december 2018 / 316
7.5.3 Eenmalige ontslaguitkeringen / 320
7.5.4 Seniorenregelingen / 320
7.6 Levensloopregeling / 321
7.6.1 Algemene aspecten / 321
7.6.2 Voorwaarden levensloopregeling / 322
7.6.3 Opbouw van levenslooptegoed / 323
7.6.3.1 Sparen door de werknemer / 323
7.6.3.2 Bijdrage van de werkgever / 323
7.6.3.3 Toetsing aan maxima / 323
7.6.3.4 Overgangsbepalingen oudere werknemers / 324
7.6.4 Opname van levenslooptegoed / 324
7.6.5 Overgangsrecht levensloopregeling / 325
7.7 Wet verhoging AOW- en pensioenrichtleeftijd / 326
7.8 Witteveenkader 2015 / 327
7.8.1 Gevolgen diverse verlagingen / 328
7.8.2 Nettosparen / 329
7.9 Vitaliteitssparen / 330
7.10 Meer keuzemogelijkheden beschikbarepremieregelingen / 330
7.10.1 Wet uitbetaling in pensioeneenheden / 331
7.10.2 Wet variabele pensioenuitkering / 333
7.10.3 Wet verbeterde premieregeling / 334
7.10.3.1 Keuzemogelijkheden / 337
7.10.3.2 Pensioenuitvoerders / 338
7.10.3.3 Fiscale aspecten / 338
7.11 Flexibilisering in het Pensioenakkoord / 340
7.11.1 Verbetering Wet verbeterde premieregeling / 340
7.11.2 Lumpsumopname / 340
7.12 Nationale waardeoverdracht / 341
7.13 Vormen van waardeoverdracht / 341
7.14 Waardeoverdracht binnen Nederland / 342
7.14.1 Civiele vereisten voor waardeoverdracht / 348
7.14.1.1 Overdrachtswaarde en bijbetaling / 349
7.14.1.2 Procedure en termijnen / 352
7.15 Fiscale consequenties van waardeoverdracht binnen Nederland / 355
7.15.1 Dienstjaren / 356
8 Civiele en fiscale aspecten van pensioendeling / 359
8.1 Inleiding / 359
8.2 Huwelijksvermogensrecht en WVPS / 359
8.2.1 Art. 1:94 en art. 1:155 Burgerlijk Wetboek / 359
8.2.2 Reikwijdte WVPS / 362
8.3 WVPS / 365
8.3.1 Vereveningsmethodes / 365
8.3.2 Conversie / 371
8.3.3 Wetsvoorstel Pensioenverdeling bij scheiding 2021 / 374
8.3.4 Fiscale consequenties van vereveningsmethodes / 378
8.4 Partnerpensioen en echtscheiding / 381
8.4.1 Behoud aanspraak partnerpensioen in geval van scheiding / 381
8.5 Uitsluiting WVPS / 384
8.5.1 Herleving van huwelijksvermogensrecht? / 384
8.5.2 Fiscale consequenties van uitsluiting WVPS en/of pensioenverrekening / 385
8.5.2.1 Bijzonder partnerpensioen / 386
8.6 Boon/Van Loon-regime / 388
8.6.1 Voorgeschiedenis / 388
8.6.2 Boon/Van Loon-arrest / 388
8.6.3 Verrekeningsmethodes van deze tijd en fiscale consequenties / 389
8.6.4 Verrekeningsmethodes niet-WVPS-pensioen en fiscale consequenties / 395
8.7 Dga en pensioendeling bij echtscheiding (opgebouwd tot 1 april 2017) / 396
8.7.1 Samenhang Pensioenwet en WVPS / 396
8.7.2 Afstortingsverplichting m.b.t. pensioen opgebouwd tot 1 april 2017? / 397
9 Belastingen en pensioenen in EU-context / 407
9.1 Inleiding / 407
9.2 EET, TEE, ETT, TTE, ET en TTT / 407
9.3 EU-pensioenbelastingwetgeving onwaarschijnlijk / 409
9.4 Grote verschillen tussen de lidstaten / 409
9.5 Grensoverschrijdende premiebetalingen / 411
9.6 Grensoverschrijdende overdracht van pensioenkapitaal / 413
9.6.1 Nederlands afkoopverbod internationaal houdbaar? / 413
9.7 Discriminerende belastingheffing van beleggingsresultaten / 415
9.8 De uitkeringsfase / 421
9.9 Pan-Europese pensioenfondsen in de praktijk / 421
9.10 Pan-Europese pensioeninstelling voor onderzoekers / 422
9.11 Levensverzekeraars / 423
9.12 PEPP-verordening / 425
9.13 Conclusie / 426
10 Belastingheffing over pensioenuitkeringen in grensoverschrijdende situaties / 427
10.1 Inleiding / 427
10.2 Verdeling heffingsrechten tussen de staten op basis van belastingverdrag / 427
10.3 Belastingheffing over particulier pensioen / 429
10.3.1 Nederlands verdragsbeleid / 429
10.3.2 OESO-Modelverdrag / 430
10.4 Belastingheffing over overheidspensioen / 431
10.4.1 Nederlands verdragsbeleid / 431
10.4.1.1 Overheid in de zin van art. 19, lid 2 van veel van de door Nederland gesloten belastingverdragen / 432
10.4.1.2 Diensten bewezen aan de staat / 434
10.4.1.3 Publiekrechtelijk lichaam / 435
10.4.2 OESO-Modelverdrag / 437
10.4.3 Op winst gerichte overheidsbedrijven / 438
10.5 Samenloop van particulier pensioen en overheidspensioen / 439
10.5.1 Jurisprudentie / 439
10.5.2 OESO / 439
10.5.3 Pensioenen op risicoverzekerings-, omslag- en opbouwbasis / 440
10.5.4 Kwalificatieconflicten / 442
10.6 Enkele pensioenbepalingen in bilaterale verdragen / 443
10.6.1 België / 443
10.6.2 Canada / 444
10.6.3 Verenigd Koninkrijk / 444
10.6.4 Duitsland / 445
10.7 Verschil overheid en privaat nog te rechtvaardigen? / 446
11 Internationale aspecten van pensioen / 449
11.1 Inleiding / 449
11.2 Internationale waardeoverdracht / 449
11.2.1 Civiele vereisten voor internationale waardeoverdracht / 449
11.2.2 Toegestane buitenlandse pensioenuitvoerder / 453
11.2.3 Fiscale consequenties van internationale waardeoverdracht / 454
11.3 Conserverende aanslag voor pensioen / 457
11.3.1 Werking conserverende aanslag voor pensioen bij emigratie / 457
11.3.2 Houdbaarheid van conserverende aanslag / 459
11.3.3 Conserverende aanslag bij internationale waardeoverdracht / 464
11.3.4 Emigratie en internationale waardeoverdracht / 464
11.4 Voortzetting pensioenopbouw in ander land / 465
11.4.1 Werknemer komt naar Nederland, voortzetting in buitenland / 465
11.4.2 Werknemer gaat naar buitenland, voortzetting in Nederland / 467
11.5 Herziening IORP-richtlijn (Richtlijn 2003/41/EG) / 469
11.5.1 Achtergrond en kernbegrippen oorspronkelijke IORP-richtlijn / 469
11.5.2 Achtergrond herziening IORP-richtlijn en mobiliteitsrichtlijn / 470
11.5.3 IORP II / 472
11.5.4 Grensoverschrijdende werkzaamheden door in Nederland gevestigde pensioenuitvoerders / 475
11.6 Het nieuwe pan-Europees persoonlijk pensioenproduct / 476
11.6.1 Aanleiding en totstandkoming / 476
11.6.2 Hoofdlijnen PEPP / 477
11.6.3 Fiscale behandeling in de opbouwfase / 479
11.6.4 Belastingheffing over PEPP-uitkeringen / 482
11.6.5 Overdracht naar een aanbieder / 485
12 Lijfrenten / 487
12.1 Inleiding / 487
12.2 Belang derde pijler / 491
12.3 De wetgever / 494
12.4 De verzekeringslijfrente / 495
12.5 De lijfrentedefinitie / 497
12.6 De bancaire lijfrente / 500
12.7 De aftrekmogelijkheden / 503
12.8 Tijdstip van aftrek / 510
12.9 Toegelaten aanbieders / 511
12.10 Toegestane lijfrenten / 513
12.11 Combinaties van lijfrenten / 515
12.12 De nettolijfrente / 518
12.13 De uitkeringen / 521
12.13.1 Oud-regimelijfrenten / 523
12.14 Sanctiebepalingen bij niet-reguliere afwikkeling / 524
12.15 Emigratie / 527
12.16 Ongelijkheid tweede en derde pijler / 530
12.17 Het kan beter / 531
12.18 Tot slot / 532
13 Perikelen partnerpensioen / 535
13.1 Inleiding / 535
13.2 Historie / 536
13.2.1 De eerste pijler / 536
13.2.2 De tweede pijler / 538
13.2.3 Derde pijler / 540
13.3 Partnerpensioen in de Pensioenwet / 540
13.3.1 Begrip partner algemeen / 540
13.3.2 Samenwoners / 541
13.3.2.1 Uniformiteit definitie samenwoners / 542
13.3.3 Tijdelijk of levenslang / 545
13.3.4 Bijzonder partnerpensioen / 545
13.3.4.1 Samenwoners en bijzonder partnerpensioen / 547
13.3.5 Afkoop klein (bijzonder) partnerpensioen / 547
13.4 Partnerpensioen financieel / 548
13.4.1 Overeenkomst / 548
13.4.2 Opbouw- of risicobasis / 548
13.4.3 Pensioenopbouw en pensioengevend loon / 549
13.5 Partnervoorziening fiscaal / 550
13.5.1 Nabestaandenlijfrente / 551
13.5.1.1 Jaarruimte / 551
13.5.1.2 Jaarruimte en tekort partnerpensioen / 551
13.5.1.3 Jaarruimte en AOW-franchise / 551
13.5.1.4 Kring van gerechtigden / 552
13.5.2 Partnerpensioen / 552
13.5.2.1 Kring van gerechtigden / 552
13.5.2.2 Pensioenovereenkomst en fiscale grenzen / 554
13.5.2.3 Aanvullende opbouwmogelijkheden / 556
13.5.2.4 70%-grens / 557
13.5.2.5 Levenslang of tijdelijk / 557
13.5.2.6 Ingangsdatum / 558
13.6 Partnervoorziening en baanwisseling / 560
13.6.1 Uitruil ouderdomspensioen in partnerpensioen (art. 61 PW) / 561
13.6.1.1 Uitruil partnerpensioen voor ouderdomspensioen (art. 60 PW) / 562
13.6.2 Uitruil partnerpensioen bij einde deelneming / 563
13.6.3 Nabestaandenlijfrente / 564
13.7 Partnervoorziening en ontslag / 564
13.7.1 Vrijwillige voortzetting (art. 54 PW) / 565
13.7.1.1 Samenloop vrijwillige voortzetting en art. 61 PW / 565
13.7.2 Voortzetting tijdens WW-periode (art. 55 PW) / 566
13.7.2.1 Samenloop voorzetting tijdens WW-periode en vrijwillige voortzetting (art. 54 PW) / 567
13.7.2.2 Samenloop voortzetting tijdens WW-periode en uitruil (art. 61 PW) / 567
13.7.3 Nabestaandenlijfrente / 567
13.8 Partnervoorziening en echtscheiding / 568
13.8.1 Ex-partner / 568
13.8.1.1 Uitruil ouderdomspensioen (art. 61 PW) / 568
13.8.1.2 Pensioenverweer / 568
13.8.2 Opvolgende partner / 569
13.8.2.1 Nabestaandenlijfrente / 569
13.9 Afschaffen pensioen in eigen beheer / 569
13.10 Tot slot / 571

Literatuurlijst / 573
Jurisprudentieregister / 603
Trefwoordenregister / 613

Net verschenen

Rubrieken

Populaire producten

    Personen

      Trefwoorden

        Pensioen en de belangrijkste toekomstvoorzieningen