AI. Cloud. Data. Digitale afhankelijkheid. De overheid. Europa. Als je nu al denkt: pfoe, zwaar onderwerp… dan snap ik je. Want digitale soevereiniteit klinkt eerlijk gezegd niet direct als een onderwerp waarvoor je op de bank gaat zitten met een kop koffie of een glas wijn.
En toch.
Digitale Soevereiniteit van Michiel de van der Schueren verraste me. Positief. Niet alleen omdat het onderwerp actueler is dan ooit, maar vooral omdat het boek iets doet wat veel boeken over digitalisering níet lukt: complexe materie begrijpelijk maken zonder oppervlakkig te worden.
Kennis, onderzoek, voorbeelden en visie
Wat direct opviel? De hoeveelheid aandacht. Aan de inhoud, de opbouw en de vormgeving. Dit voelt niet als een boek dat ‘even geschreven’ is. Hier zijn jaren aan kennis, onderzoek, voorbeelden en visie samengebracht in één verhaal.
Het leest prettig weg, zit vol praktijkcases, QR-codes naar extra bronnen én heeft op onverwachte momenten zelfs een vleugje humor. Bijzonder knap bij een onderwerp dat snel droog kan worden.
En belangrijker: dit boek stelt vragen waar organisaties én overheden eigenlijk niet meer omheen kunnen.
Van digitalisering naar afhankelijkheid
In de eerste hoofdstukken neemt De van der Schueren je mee naar het grotere plaatje: hoe zijn we hier eigenlijk gekomen?
Hij beschrijft de overgang naar het postindustriële tijdperk en laat zien hoe digitalisering niet alleen technologie veranderde, maar complete machtsverhoudingen. Wat sterk is: het boek blijft niet hangen in nostalgie of geschiedenislessen. Je voelt continu de koppeling met vandaag.
Hoe afhankelijk zijn we inmiddels geworden van grote techbedrijven? Wat betekent dat voor autonomie? Voor veiligheid? Voor besluitvorming?
Het zet direct de toon: digitalisering is geen IT-feestje meer. Het ís geopolitiek.
Internet en de ‘Nexus of Forces’
Dit deel vond ik interessant omdat verschillende ontwikkelingen samenkomen: cloud, mobiel, social media, data en AI. Zaken die we vaak los bespreken, maar die samen enorme impact hebben.
Tijdens het lezen realiseer je je hoeveel systemen inmiddels met elkaar verweven zijn. En hoe kwetsbaar organisaties worden als ze vooral reageren in plaats van bewust keuzes maken.
Het confronterende? Veel organisaties zitten nog steeds in de modus van digitaliseren om efficiënter te worden. Terwijl de echte vraag misschien moet zijn: bouwen we eigenlijk nog wel aan eigen regie?
Cloud: gemak versus controle
Cloud wordt vaak verkocht als snelheid, schaalbaarheid en innovatie. En dat ís het ook. Maar De van der Schueren benoemt ook de andere kant: afhankelijkheid, jurisdictie en eigenaarschap van data.
Geen bangmakerij. Geen anti-techverhaal. Gewoon scherpe vragen: wie beheert onze data? Wie bepaalt de spelregels? Wat gebeurt er als belangen veranderen?
Dat maakt het boek sterk: nuance.
Social media en digitale beïnvloeding
Ook dit onderdeel voelt relevant. Niet alleen voor burgers, maar juist voor organisaties en overheden. Informatie, macht en beïnvloeding lopen steeds meer door elkaar heen.
Het boek laat zien hoe digitale platformen publieke opinie, beleid en gedrag beïnvloeden.
AI: versneller én uitdaging
Natuurlijk komt AI uitgebreid voorbij. En gelukkig niet vanuit de standaardhoek.
De van der Schueren kijkt breder: wat betekent AI voor autonomie? Voor publieke dienstverlening? Voor besluitvorming? Voor afhankelijkheid van buitenlandse technologie?
Precies die vragen maken dit hoofdstuk sterk. Niet alleen: wat kan AI? Maar vooral: wat kost het ons als we geen keuzes maken?
Digitale soevereiniteit: de kern van het boek
Richting hoofdstuk acht komt alles samen. En hier wordt het boek op zijn sterkst.
Digitale soevereiniteit blijkt veel groter dan techniek. Het gaat over eigenaarschap. Over strategische onafhankelijkheid. Over publieke waarden. Over keuzes die vandaag worden gemaakt en jarenlang impact hebben.
Wat ik mooi vond: de auteur blijft niet hangen in problemen benoemen. Er zit duidelijk visie in. Richting. Mogelijkheden.
De Nederlandse overheid onder de loep
Het laatste deel zoomt in op Nederland. Digitale transformatie binnen de overheid blijkt soms vooruitstrevend, soms traag en soms ronduit complex. Dat zal weinig mensen verrassen.
Juist de voorbeelden maken dit interessant. Je ziet waar kansen liggen én waarom verandering vaak zo weerbarstig is. Voor professionals binnen overheid, IT, beleid of leiderschap is dit deel extra relevant.
Wat vond ik van het boek?
Ik ben absoluut enthousiast over Digitale Soevereiniteit.
Sterke punten- Zeer goed onderbouwd
- Logische opbouw van breed perspectief naar concrete toepassing
- Veel voorbeelden en praktijkcases
- Complex onderwerp verrassend toegankelijk gemaakt
- Mooie vormgeving en fijne leeservaring
- Extra resources via QR-codes
- Actueel én toekomstgericht
Misschien één klein punt: sommige stukken vragen concentratie en zijn inhoudelijk stevig. Maar dat hoort misschien ook gewoon bij een onderwerp als dit.
Conclusie
Digitale Soevereiniteit is geen luchtig managementboek voor tussendoor. Het is een boek dat je anders laat kijken naar technologie, afhankelijkheid en de keuzes die organisaties en overheden vandaag maken.
Voor IT-leiders. Beleidsmakers. Overheidsprofessionals. Bestuurders. Security-specialisten. Maar eigenlijk voor iedereen die denkt dat digitalisering ‘iets van IT’ is.
Want dat is misschien wel de grootste les uit Digitale Soevereiniteit: digitalisering gaat allang niet meer alleen over technologie. Het gaat over macht. Regie. Onafhankelijkheid. En de vraag wie straks eigenlijk nog bepaalt.
Relevant? Absoluut. Complex? Soms. Belangrijk? Meer dan ooit.
Over Hendrika Willemse-Vreugdenhil
Hendrika Willemse-Vreugdenhil is spreker, performance strategist en voormalig topsporter. Ze werkte ruim 20 jaar in de techsector. Ze heeft haar eigen IT-bedrijf opgebouwd en met succes verkocht en bekleedde daarna directie- en managementfuncties bij verschillende techbedrijven.