Preview

De gelukscode - De vier contexten waarmee je de code voor geluk kunt kraken

Wereldwijd investeren organisaties miljarden in welzijnsprogramma’s, maar het werkgeluk daalt en het verzuim stijgt. Gedragsontwerper Astrid Groenewegen stelt dat we aan de verkeerde knoppen draaien. In De Gelukscode laat zij zien dat duurzaam welzijn niet begint bij het individu, maar bij het ontwerpen van de juiste context.

Astrid Groenewegen | 17 februari 2026 | 5-7 minuten leestijd

Wereldwijd besteden organisaties meer dan 60 miljard dollar per jaar aan welzijnsprogramma’s voor hun medewerkers. Toch daalt het werkgeluk en stijgt het verzuim. De gemiddelde deelname aan die programma’s? Dertig procent. En de mensen die wél meedoen, waren meestal al de gezondste medewerkers. In mijn boek De Gelukscode laat ik zien dat welzijn geen individueel project is, maar een kwestie van contextontwerp.

Het was ergens in het najaar van vorig jaar. Ik was in Noorwegen om een van de belangrijkste leiderschapsteams van een grote internationale organisatie twee volle dagen te trainen in gedragsverandering. Kosten noch moeite waren gespaard. Er was een exclusief welkomstdiner, experts op het gebied van voeding, slaap, beweging en ademhaling. Werknemers waren drie volle dagen vrijgespeeld. Dit bedrijf nam het welzijn van zijn medewerkers oprecht serieus.

Mijn rol was de gedragscomponent: hoe je van gezond gedrag een gewoonte maakt. Zoals ik al veel vaker had gedaan, vertelde ik over het belang van kleine stapjes, beloning en hoe herhaling zorgt voor automatismen. Alleen, ergens halverwege de eerste dag bekroop me een ongemakkelijk gevoel. Alles wat ik daar hoorde over de voordelen van meditatie, het belang van beweging en het vermijden van suiker wist ik allemaal al. En de deelnemers in de zaal waarschijnlijk ook. De eerlijke waarheid? Het was mijzelf ook nog steeds niet gelukt.

Wanneer welzijnsprogramma’s averechts werken

Twee weken later werd mijn voorgevoel bevestigd. Deelnemers hadden de training interessant gevonden. Maar sommigen gaven aan dat ze zich door het programma eigenlijk minder goed waren gaan voelen. Het had gevoelens van schuld en falen opgeroepen. Nóg iets dat ze zouden moeten doen om ‘beter’ te worden. Nóg een taak op een toch al overvolle to-dolijst. En als het niet lukte, lag dat aan hen.

Dat kwam binnen. Maar het is geen incidenteel probleem. Onderzoek laat zien dat de gemiddelde deelname aan welzijnsprogramma’s rond de dertig procent ligt. En de medewerkers die wél meedoen, waren vaak al de gezondste. De mensen die het het hardst nodig hebben, haken af. Niet uit onwil, maar omdat deze programma’s een fundamenteel probleem hebben: ze leggen de verantwoordelijkheid bij het individu. Jíj moet leren mediteren. Jíj moet aan je veerkracht werken. Jíj moet beter omgaan met stress. Ondertussen verandert er niets aan de omgeving die de stress veroorzaakt.

En laten we eerlijk zijn: we hebben het hier niet alleen over werknemers. We vervullen allemaal dagelijks een veelheid aan rollen. Je bent leidinggevende, maar ook partner. Ouder, maar ook dochter of zoon. Collega, maar ook vriend. Elke rol vraagt aandacht, energie en tijd. En die rollen staan niet netjes naast elkaar; ze concurreren voortdurend met elkaar. Je schakelt de hele dag tussen die rollen, vaak zonder dat je het doorhebt. Bovendien lopen al die situaties in elkaar over: de stress van een slechte vergadering neem je mee naar huis, de zorgen over je kind neem je mee naar kantoor, de ruzie met je partner zit in je hoofd terwijl je probeert te focussen. Als je dan ook nog aan jezelf moet ‘werken’, is dat simpelweg een extra to-do waar je toch al geen tijd voor hebt. Geen wonder dat welzijnsprogramma’s schuldgevoel oproepen in plaats van geluk.

De context veranderen, niet de mens

Dat was het moment waarop ik op zoek ging naar een beter antwoord. En ik vond het in de gedragswetenschap. De doorbraak? We zoeken geluk op de verkeerde plek. We proberen voortdurend onszelf te veranderen, terwijl het onze omgeving is die bepaalt hoe we ons voelen en gedragen.

In elke situatie zijn er drie elementen die ons gedrag sturen: de context waarin we ons bevinden, de rol die we daarin aannemen en de spelregels die daarbij horen. Denk aan hoe anders je je gedraagt in een formele vergaderzaal dan tijdens een informeel teamuitje. De context verandert, je rol verandert mee, en daarmee je hele gedrag. Zonder dat je daar bewust voor kiest.

Dit inzicht verandert alles. Want als de context je gedrag stuurt, dan kun je ook bewust contexten ontwerpen waarin gewenst gedrag vanzelf ontstaat. Niet door aan mensen te sleutelen, maar door de omgeving anders in te richten.

Vier contexten waarin geluk ontstaat

In mijn zoektocht ontdekte ik dat geluk geen enkelvoudig gevoel is, maar een ecosysteem. Net zoals een gezond bos verschillende soorten bomen nodig heeft, heeft een gelukkig leven verschillende ingrediënten nodig. Ik vond vier contexten die wetenschappelijk aantoonbaar bijdragen aan geluk.

De eerste is nieuwsgierigheid: de mate waarin je omgeving je uitnodigt om te ontdekken, vragen te stellen en nieuwe dingen tegen te komen. De tweede is flow: de mate waarin je omgeving je in staat stelt om volledig op te gaan in een uitdagende taak. De derde is vaardigheid: de mate waarin je omgeving je stimuleert om te groeien en beter te worden. De vierde is connectie: de mate waarin je omgeving echte, betekenisvolle verbinding met anderen mogelijk maakt.

Elk van deze vier contexten kun je bewust ontwerpen, op werk, thuis en in je relaties. In het boek laat ik zien hoe je met kleine, concrete spelregels contexten kunt creëren waarin geluk als vanzelf ontstaat. Niet door aan jezelf te sleutelen, maar door de omgeving anders in te richten. Een andere inrichting van overleggen. Een andere manier van feedback geven. Een andere omgang met onderbrekingen. Maar net zo goed: een ander avondritueel met je gezin, een andere manier van samen tijd doorbrengen, een andere aanpak van je weekenden. Het zijn vaak verrassend kleine veranderingen die een groot verschil maken.

Van schuldgevoel naar contextontwerp

Want de cijfers liegen er niet om. Wereldwijd gaan er jaarlijks 12 miljard werkdagen verloren aan depressie en angst. In Nederland kost stressgerelateerd ziekteverzuim werkgevers ongeveer 799 miljoen euro per jaar. Dat is nog los van de mensen die volhouden, maar ondertussen steeds minder presteren en steeds minder plezier hebben.

De Gelukscode is geen zelfhulpboek. Het is een ontwerpboek. Voor iedereen die streeft naar een goed geleefd leven en klaar is met het gevoel dat het aan henzelf ligt. Het boek laat zien hoe je met kleine spelregels de contexten kunt ontwerpen, op werk, thuis en in je relaties, waarin geluk als vanzelf kan ontstaan. Zonder aan jezelf te sleutelen. Van de boardroom tot de keukentafel.

In De Gelukscode laat Astrid Groenewegen zien hoe kleine, slimme ingrepen in de werk- en leefcontext leiden tot grote veranderingen in gedrag en welzijn. Een praktisch en wetenschappelijk onderbouwd boek voor professionals die duurzame impact willen maken. Bestel het bij Managementboek en begin vandaag met het ontwerpen van geluk.

Over Astrid Groenewegen

Astrid Groenewegen is oprichter van SUE | Behavioural Design, een strategisch innovatiebureau gespecialiseerd in gedragsverandering. Haar officieel erkende Behavioural Design Academy trainde meer dan 2.500 mensen uit 45 landen in de SUE | Behavioural Design Method©.

Deel dit artikel

Wat vond u van dit artikel?

0
0

    Personen

      Trefwoorden