Interview

Floris Evers

‘Ik ben zeker niet vies van presteren’

In zijn boek De magie van florerende teams breekt oud-hockeyinternational Floris Evers een lans voor de opvatting dat het in teamontwikkeling om meer dan alleen presteren draait. ‘Het is echt veel leuker om onderdeel van een team te zijn dat in positieve zin impact heeft’, zegt hij in gesprek met Hans van der Klis. En wat nog mooier is: hoe meer een team floreert, hoe beter het team gaat presteren. Een win-winsituatie kortom.

Hans van der Klis | 6 maart 2026 | 6-9 minuten leestijd

Geestig, de term ‘florerende teams’ in de titel. Die is etymologisch verwant aan je eigen voornaam. Een bewuste keuze?

De term floreren is me wel dierbaar, maar ik heb hem niet gekozen omdat hij gerelateerd is aan mijn naam. Laten we het houden op synchroniciteit.

En waarom de naam The Grit Club voor het bedrijf dat je samen met Dirk Loots hebt opgericht?

Die term hebben we geleend van Angela Duckworth, die in 2016 De grit-factor schreef. Dirk en ik houden van mensen met grit, met passie en doorzettingsvermogen. Het blijkt dat grit twee keer zo belangrijk is voor succes als talent. Talent is zeker niet onbelangrijk, maar het is belangrijker dat je tegen een stootje kunt en dat je doorzettingsvermogen hebt. Talent is eigenlijk een cadeautje van het universum, daar hoef je niet zoveel voor te doen, maar grit kun je ontwikkelen en vind ik daarom ook interessanter. Ik werk graag met gritty people.

Verklaart dat ook waarom je boek over teamontwikkeling gaat? Dat je houdt van het ontwikkelen van mensen en groepen?

Zeker. Ik kijk bij teamontwikkeling ook altijd verder dan het resultaat. Iedereen weet dat de shorttrackbroertjes Van ’t Wout op de Olympische Spelen medailles hebben gehaald, maar weet jij hoe de bobsleeërs het hebben gedaan? Ze zijn negende geworden. Voor het eerst sinds 1936 is een Nederlands bobsleeteam in de top-10 geëindigd. De remmer, Dave Wesselink, is pas drie jaar geleden begonnen met bobsleeën, dus dat is een waanzinnige prestatie. Ik wil de medaillewinnaars niet tekort doen, maar ik vind dit misschien wel indrukwekkender dan sommige medailleraces.

Je gebruikt meer obscure voorbeelden uit de sport. De Zimbabwaanse hockeysters die in 1980 goud wonnen, het gemengde damesijshockeyteam van Noord- en Zuid-Korea van 2018. Je was zelf aanvoerder van het herenhockeyteam in Londen in 2012. Waarom werkt sport altijd zo goed als metafoor?

Wat mooi is aan sport, is dat je niet kunt duiken. Je kunt je niet verstoppen. Sport is heel puur. De kleedkamer is een magische plek. De belangen zijn groot, waardoor je mensen heel goed leert kennen. Maar zelf ben ik er best genuanceerd in. Ik gebruik vaak andere voorbeelden. Ik heb het net zo lief over een violist van het Concertgebouworkest of iemand uit het bedrijfsleven. Een journalist zei eens: huur nooit een sporter in om iets te vertellen bij je bedrijf. Hem heb ik destijds gemaild dat ik het wel met hem eens ben. Ik heb veel aan mijn sportcarrière te danken, maar ik kijk wel verder. Niet elke vergadering is een strafcorner, je moet begrijpen dat het twee verschillende werelden zijn.

Je maakt gebruik van het PERMA-model van Martin Seligman, of misschien nog specifieker: het PERMA+4 model (zie kader onderaan dit artikel, red.). Wat vond je in dat model dat zo goed bij je ideeën past?

Er zijn ongetwijfeld meer modellen die goed werken, maar Seligman heeft revolutionair werk verricht in de positieve psychologie. Ik vind het model heel holistisch, zeker nu het door Stewart Donaldson en Victoria Cabrera is uitgebreid met die +4 voor teams. Daar is nog niet zoveel over geschreven, het is vooral op individueel niveau veel toegepast. Wat mij eraan bevalt, is dat het heel breed kijkt naar performance. Performance is wel onderdeel van floreren, maar het gaat over zoveel meer. Over sociale interactie, over relaties, en in de +4-uitbreiding ook over welke mindset je hebt en over de vraag of je financieel stabiel bent. Dat laatste wordt wel eens vergeten. Als je die stabiliteit niet hebt, dan is het ook lastig om te floreren.

Waar zit nu precies de magie uit de titel in? Magie betekent – ik chargeer - het manipuleren van de werkelijkheid, terwijl jij in je boek laat zien dat je juist wel invloed kunt uitoefenen op teams.

In de praktijk, en dan heb ik het niet alleen over de sport maar ook over business, blijkt het toch altijd moeilijk te zijn om te ontsnappen aan de waan van de dag. Het is lastig om je niet alleen te focussen op de kortetermijntargets. Natuurlijk zijn die relevant, we moeten niet doen alsof het niet over performance gaat. Zoals het in de topsport om medailles gaat, draait het in het bedrijfsleven om geld verdienen. Maar niet uitsluitend. De magie is wat mij betreft gelegen in de durf om te vertrouwen op meer elementen dan alleen maar blind te focussen op resultaten. Zeker in een context waar resultaten heel belangrijk zijn.

Wat is daarvoor de belangrijkste voorwaarde, als je er een zou moeten kiezen?

Alle aspecten die ik in De magie van florerende teams beschrijf hebben invloed op die mindset. Maar als ik er één moet kiezen, zeg ik: het belang van relaties. Relaties besmetten elkaar namelijk, weten we uit onderzoek naar neuroplasticiteit. Cynisme is besmettelijk, maar positieve emoties zijn ook besmettelijk. Het is voor goede teamontwikkeling dus cruciaal om je te omringen met goede relaties. Eigenlijk voor iedereen: ik ben eens een onderzoek tegengekomen met de stelling dat eenzaamheid, en dat is best een thema in de huidige maatschappij, bijna net zo schadelijk is als het roken van twintig sigaretten per dag. Sociale cohesie en sociale gezondheid zijn dus superbelangrijk.

In je boek kijk je inderdaad voorbij de prestaties. Welke impact wil je hebben?

Eén van de thema’s van het model is betekenisgeving. Niet alleen voor jezelf, maar ook voor je team of je omgeving. Het is echt veel leuker om onderdeel van een team te zijn dat in positieve zin impact heeft. Het één sluit het ander bovendien niet uit. Ik probeer dat genuanceerd te vertellen. Als je het over welzijn en betekenis hebt, denken mensen dat je presteren niet belangrijk vindt. Ze lijken te denken dat het een tegenstelling is. Dat is onterecht. Ik ben zeker niet vies van presteren. Ik doe de dingen die ik doe graag heel goed, ik win ook liever goud dan zilver. Floreren is weliswaar een breder begrip dan presteren, maar presteren is een onderdeel van floreren. Elk mens wordt blij van resultaten halen, maar ook van groei en van ontwikkeling. Sterker nog: hoe meer je floreert, hoe beter je gaat presteren. Er is dus ook een causaal verband.

Wil je bouwen aan een team dat niet alleen doelen haalt, maar ook energie, veerkracht en betekenis ervaart? In De magie van florerende teams vertaalt Floris Evers inzichten uit topsport en positieve psychologie naar concrete handvatten voor leiders en professionals.

Benieuwd hoe jij performance en floreren kunt combineren in jouw organisatie? Bestel het boek via Managementboek en zet de eerste stap naar duurzame teamontwikkeling.

Het PERMA+4-model – bouwen aan florerende teams

Het PERMA-model van Martin Seligman vindt zijn oorsprong in de positieve psychologie en beschrijft vijf pijlers van menselijk floreren:

P – Positive Emotion
Positieve emoties zoals plezier, dankbaarheid en hoop vergroten veerkracht en creativiteit.

E – Engagement
De mate waarin mensen opgaan in hun werk en hun talenten benutten (flow).

R – Relationships
Kwalitatieve, steunende relaties vormen de sociale basis voor welzijn en prestaties.

M – Meaning
Het ervaren van betekenis: bijdragen aan iets dat groter is dan jezelf.

A – Accomplishment
Doelen stellen, resultaten behalen en succes ervaren.

Stewart Donaldson en Victoria Cabrera breidden dit model uit naar teams met de +4. Daarmee verschuift de focus van individueel welzijn naar collectief floreren:

+ Physical & Mental Health
Aandacht voor fysieke en mentale gezondheid als fundament onder duurzame inzetbaarheid.

+ Mindset
Een groeimindset en psychologische veiligheid stimuleren ontwikkeling en leren.

+ Work Environment
Een ondersteunende werkomgeving met heldere structuren en voldoende middelen.

+ Economic Security
Financiële stabiliteit en bestaanszekerheid als randvoorwaarde om te kunnen floreren.

Het PERMA+4-model laat zien dat performance geen losstaand doel is, maar het resultaat van een breder ecosysteem waarin welzijn, relaties, context en resultaten elkaar versterken.

Over Hans van der Klis

Hans van der Klis is freelance journalist. Hij schrijft regelmatig artikelen voor Managementboek.

Deel dit artikel

Wat vond u van dit artikel?

0
0

    Personen

      Trefwoorden