Interview

Maarten Brand

‘Stage moet een zinvolle investering zijn’

De stagiair wordt nog te vaak gezien als tijdrovend. Terwijl het volgens Maarten Brand de beste weg is naar nieuw personeel. ‘Cruciaal in de huidige arbeidsmarkt dus.’ De auteur stelt in Het kleine stageboek voor begeleiders dat stagiairs een investering zijn die zich terugverdient. ‘Stop met stagiairs zien als noodzakelijke bijzaak.’

Ronald Buitenhuis | Mirjam van der Linden | 15 mei 2026 | 4-6 minuten leestijd

Uit eigen ervaring. Tijdens een stage bij de krant vroeg een eindredacteur: wil je bijdragen aan de voorpagina van de krant? Na het ‘natuurlijk’: ‘Ga dan maar even koffie halen…’ Herkenbaar?

Zeker. Nog veel te vaak wordt het begeleiden van een stagiair gezien als een min of meer verplichte maatschappelijke taak: we doen het omdat het verwacht wordt. In woord belijden organisaties wel dat stagiairs belangrijk zijn. Vinden het misschien ook echt wel zo. Ze spreken dan zelfs over stagiairs als ‘echte collega’s’, maar zeker als we het als begeleiders zelf erg druk hebben, is de reflex: ga maar even koffie halen, opruimen of met de kantoorhond wandelen.

Terwijl jouw boodschap in je boek is: de stagiair (van mbo- tot universitair opgeleide) is een investering die zich terugverdient.

Een stagiair is een keiharde bedrijfseconomische investering. In plaats van dat HR of een dure arbeidsmarktconsultant met dikke auto mensen moet werven, heb je met stagiairs feitelijk je nieuwe personeel al in huis.

Ik vergelijk het wel eens als volgt: kom jij voor het eerst op een netwerkborrel, dan zoek je toch de mensen die je kent? Zo gaat het met een stagiair ook. Kent hij jouw bedrijf en heeft hij/zij een goede ervaring, dan is-ie eerder geneigd voor jou te kiezen na zijn/haar opleiding. Heb je een stagiair een half jaar aan boord, dan weet je of ie bij je past en weet de stagiair ook of-ie past bij de cultuur van een organisatie. En iets als onboarding is niet meer nodig. De nieuwe werknemer kent het bedrijf immers al.

Zeker in de huidige krappe arbeidsmarkt is het cruciaal om stagiairs goed te begeleiden zodat ze voor jou kiezen. Bijeffect: stagiairs zijn zelfs bereid om voor minder salaris te komen werken in de veronderstelling dat ze dat later wel inhalen. Ze weten waar ze terechtkomen. Ze maken een bewustere keuze.

Probleem: begeleiders van stagiairs moeten het vaak met een soort Ikea-handleiding doen. Ze missen ook tools en krijgen (of gunnen zich) te weinig tijd om stagiairs te begeleiden.

Een stagebegeleider is vaak een senior vakman of vakvrouw. Maar het is een hardnekkig misverstand dat je dan ook goed bent als begeleider. Dat je automatisch kennis overdraagt. In Het kleine stageboek voor begeleiders geef ik handvatten hoe je beter als begeleider kunt acteren.

Daarvoor bied ik vijf accu’s (hoe motiveer ik stagiairs), vijf brillen (kijk eens anders naar een stagiair) en drie rollen. Wat betreft dat laatste: je moet als begeleider soms een andere pet opzetten. De ene keer van directieve manager die opdrachten geeft, de andere keer meer coachend of adviserend als de stagiair al vaardiger is en andere leerdoelen heeft. In mijn boek vergelijk ik het met carnaval: je moet als begeleider vaker van pak wisselen dan een politicus tegenwoordig van standpunt verandert. Veel begeleiders voelen zich tegenwoordig een halve psycholoog. Dat hoeft niet, maar je moet soms een andere pet opzetten.

Het is ook boomers versus de TikTok-generatie. Vraagt deze generatie een andere aanpak van stagebegeleiders?

Het is onmiskenbaar zo dat de nieuwe generatie een andere werkmoraal heeft. Neem de telefoon. Die beschouwen ze als een verlengstuk van hun leven. Online = offline. Ouderen vinden er wat van als jongeren op de telefoon met oortjes in zitten tijdens een meeting. Mijn ervaring is dat als je het jongeren uitlegt waarom dat beter niet kan, ze dat snappen. Maak dingen duidelijk.

Ik geloof ook niet dat de nieuwe generatie minder gemotiveerd is. We zijn in Europa koploper in bijbaantjes. De jeugd wil echt wel werken. Tegelijk zie ik dat boomers vinden dat jongeren niks willen en kunnen en veel sociale problemen hebben. Maar ik denk dat dat een cliché is.

Boomers moeten snappen dat jongeren soms verrassend frisse ideeën hebben. En als we tijd nemen om jongeren goed te begeleiden, kunnen we én beter personeel binnenhalen en behouden én ook meer van elkaar leren. De begeleider en stagiair moeten samen op onderzoek uit.

Te vaak acteert de begeleider nog als politieagent, lezen we in je boek.

Ja. Iemand die er constant bovenop zit en corrigeert. Ik ging pas thuis verbouwen en de aannemer vroeg of de stagiair er een dag langer over mocht doen, zonder extra kosten. Kijk, dat is een veel betere aanpak dan constant op de huid van die stagiair te gaan zitten en te corrigeren. Geef ook vertrouwen. Iemand goed opleiden kost een organisatie uiteindelijk geen geld. Dat levert juist geld op, als je tenminste in staat bent die stagiair later daadwerkelijk aan te nemen. Het begeleiden van stagiairs is gewoon een slimme investering.

Soms verbaas ik me. Op school zijn er allerlei docenten die een stappenplan hebben en studenten – in een veilige omgeving – constant aan de hand nemen. En dan komt zo’n stagiair bij een bedrijf – in een veel onveiliger omgeving – en is er niet of nauwelijks begeleiding. Ja, als je dan niet oppast, is het een Ikea-kast waarbij je bij het in elkaar zetten stappen overslaat en schroeven overhoudt aan het einde. Uiteindelijk dondert de kast – lees: de stagiair – in elkaar. Met Het kleine stageboek voor begeleiders wil ik begeleiders helpen om van stagiairs een zinvolle investering te maken. Want dat kan gewoon, met echte aandacht.

In Het kleine stageboek voor begeleiders laat Maarten Brand zien waarom goede begeleiding geen kostenpost is, maar een slimme investering in je organisatie. Bestel het boek bij Managementboek en haal meer uit je stagiairs én je arbeidsmarktstrategie.

Over Ronald Buitenhuis

Ronald Buitenhuis is freelance journalist.

Deel dit artikel

Wat vond u van dit artikel?

0
0

    Personen

      Trefwoorden