Recensie

Digitale soevereiniteit - ‘Overtuigend en actueel: Aanrader’

In Digitale soevereiniteit betoogt Michiel de van der Schueren dat Nederland een eigen softwarestack kan ontwikkelen voor een Europese soevereine public cloud als alternatief voor de dominante Amerikaanse hyperscalers. In haar recensie duikt Annemarie Smits dieper in de betekenis van digitale soevereiniteit en schetst zij concrete stappen die Nederland en Europa kunnen zetten om deze ambitie waar te maken.

Annemarie Smits | 23 juni 2026 | 4-6 minuten leestijd

Op 3 juni presenteerde de Europese Commissie haar techpakket om Europa’s strategische onafhankelijkheid te herstellen op het gebied van AI, cloud, chips en quantum, lees ik in NRC. En dat alles op de ‘Europese manier’, maar zonder ‘Koop Europees’-verplichting. Het nieuwe Brusselse buzzword is soevereiniteit: een eigen koers varen zonder de indruk te wekken actief te ontkoppelen van de Verenigde Staten. Daarvoor is de afhankelijkheid te groot: 80 procent van de digitale producten, diensten en infrastructuur komt van buiten Europa.

Hot topic

Ook binnen de uitvoeringsorganisatie waar ik werk, is digitale soevereiniteit een hot topic. Op ons intranet lees ik dat we onze afhankelijkheid van buitenlandse Big Tech willen verminderen en onze eigen digitale autonomie en soevereiniteit moeten versterken. Nederlandse overheden slaan veel data op bij Amerikaanse bedrijven en dat maakt ons, gezien de geopolitieke spanningen, kwetsbaar.

De relevantie van digitale autonomie en digitale soevereiniteit is me duidelijk. Maar wat betekenen deze begrippen precies? En hoe zetten we in Nederland en Europa de juiste stappen? Tijd om er een boek over te lezen: Digitale soevereiniteit van Michiel de van der Schueren.

Jargon

Wie deze wereld induikt, stuit op een berg jargon. Je moet wel blijven opletten, want het blijft best abstract om te lezen over het bouwen van ‘cloud-native applicaties’ met ‘distributed programming’. Of over verouderde ‘monolithische applicaties’ die moeten transformeren naar schaalbare cloud-native applicaties met een ‘microservicesarchitectuur’ die draait op een hyperscaler.

Maar De van der Schueren legt dat allemaal stap voor stap helder uit. Eerst de twee kernbegrippen. Digitale autonomie gaat over het vermogen van de overheid om autonoom te handelen en beslissingen te nemen over haar digitale technologie. Dat is iets anders dan digitale soevereiniteit, dat draait om juridische en bestuurlijke controle over digitale infrastructuren, data en systemen.

De van der Schueren bouwt zijn verhaal rustig op. Eerst neemt hij ons mee door de geschiedenis van de IT-industrie en de belangrijkste ontwikkelingen. In 1991 luidde internet het digitale tijdperk in en versnelde de digitalisering in razend tempo. Met al die nieuwe technieken kun je applicaties snel en flexibel uitbreiden met extra functionaliteit of verouderde onderdelen vervangen. Zo ontstond een ongekende innovatiesnelheid. In 2006 lanceerde Amazon AWS, het eerste public-cloudplatform: een zogenaamde hyperscaler. Volgens De van der Schueren een wereldwonder van de IT-industrie.

Cloud

Interessant is ook hoofdstuk 4, waarin De van der Schueren uitlegt wat de cloud wel en niet is. De meest gebruikte definitie komt van NIST: on-demand selfservice, brede netwerktoegang, gedeelde resources, schaalbaarheid en betalen naar gebruik. Hyperscalers, zoals AWS en Google Cloud, bieden gedeelde en schaalbare clouddiensten aan duizenden klanten, met flexibele capaciteit en betaling per gebruik.

Als organisatie moet je goede argumenten hebben om hier geen gebruik van te willen maken. En zolang er geen Europese soevereine hyperscaler bestaat, is het slimmer om de Amerikaanse hyperscalers te blijven gebruiken en je te richten op het beheersen van risico’s, onder meer via effectieve beveiliging, contracten met leveranciers, DPIA’s en goed afgestemde wet- en regelgeving. Overhaast op zoek gaan naar een Europees alternatief heeft weinig zin, want dat alternatief is er nog niet.

Maar dan blijft de vraag naar digitale soevereiniteit en de invloed van de Amerikaanse CLOUD Act. Deze wet uit 2018 verplicht technologiebedrijven om gegevens te verstrekken aan opsporingsinstanties, zelfs als die data fysiek buiten de Verenigde Staten zijn opgeslagen. De wet geldt voor alle organisaties die onder Amerikaans rechtsgebied vallen.

Operationele, tactische en strategische soevereiniteit

Pas in hoofdstuk 8 legt De van der Schueren uit wat digitale soevereiniteit precies inhoudt. Hij onderscheidt drie vormen: operationele, tactische en strategische soevereiniteit. Vooral die laatste staat centraal in het boek. Dat dit onderwerp pas in het op een na laatste hoofdstuk aan bod komt, is geen bezwaar. Er is veel context nodig en die blijkt relevant om het geheel goed te begrijpen.

Om een Europese hyperscaler te realiseren, is een open-source softwarestack volgens De van der Schueren onmisbaar. De ontwikkeling daarvan zou twee vliegen in één klap slaan: een grote stap voorwaarts voor Europa’s digitale soevereiniteit én een impuls voor de Europese open-source-industrie. Zo kan een cloudplatform ontstaan dat fungeert als marktplaats waar aanbieders hun diensten as a service leveren.

Softwarestack

Wist je dat veel technologische kennis afkomstig is van Nederlandse wetenschappelijke instituten? Ik niet. Volgens De van der Schueren zou Nederland daarom het initiatief moeten nemen om de softwarestack voor een Europese soevereine hyperscaler te ontwikkelen. Duidelijk is in ieder geval dat we niet moeten terugvallen op traditionele datacentertechnologie met lokaal beheerde fysieke servers voor één organisatie.

Interessante materie. Of ik het nu al helemaal begrijp, weet ik niet. Wel weet ik nu dat de Amerikanen met hun hyperscalers iets bijzonders hebben neergezet waar we voorlopig nog niet zonder kunnen. Tegelijkertijd moet Europa voortvarend aan de slag met het herstel van zijn strategische digitale onafhankelijkheid. Er lopen inmiddels diverse initiatieven en ook Nederland kan daarin een belangrijke rol spelen.

Toen ik Digitale soevereiniteit van Michiel de van der Schueren bestelde, verwachtte ik een wat taai onderwerp, maar niets bleek minder waar. Het boek is prachtig vormgegeven, met een stevige omslag, foto’s, hoofdstukken in verschillende kleuren en heldere tabellen, quotes en samenvattingen. Dit is een boek dat je fysiek wilt lezen, niet op een e-reader. Maar niet alleen de vorm overtuigt; ook inhoudelijk biedt het waardevolle inzichten. Digitale soevereiniteit is een aanrader voor iedereen die zich verder wil verdiepen in dit actuele en belangrijke onderwerp.

Over Annemarie Smits

Annemarie Smits werkt als projectleider duurzaamheid bij een uitvoeringsorganisatie van de rijksoverheid. Daarvoor was ze IT projectmanager en consultant bij onder andere een grote bank en een internationaal adviesbureau. Daarnaast helpt ze auteurs met het schrijven van hun roman, non-fictie boek of managementboek. 

Deel dit artikel

Wat vond u van dit artikel?

0
0

Boek bij dit artikel

    Personen

      Trefwoorden