Iedereen wil inclusief werken… maar snappen we écht hoe verschillend we zijn? Sommige boeken openen je ogen. Andere boeken houden je een spiegel voor. Een tikkeltje anders is eigenlijk heel normaal doet allebei.
Wat mij direct raakte, is hoe herkenbaar en tegelijkertijd onderbelicht dit onderwerp nog steeds is. We praten steeds vaker over inclusie, diversiteit en ‘ruimte voor iedereen’. Maar als je eerlijk bent: hoe goed begrijpen we nou écht hoe verschillend mensen denken, voelen en werken?
Dit boek voelt als een noodzakelijke stap terug. Even uit de snelheid. Even uit de aannames. En opnieuw leren kijken naar mensen. Geen labels als eindpunt, maar als begin van begrip. En ja, ik ben enthousiast. Maar niet zonder kanttekeningen.
Het boek is logisch opgebouwd en neemt je stap voor stap mee in de wereld van neurodiversiteit. Wat sterk is: de combinatie van theorie, uitleg en praktijkverhalen.
Deel 1 – Neurodiversiteit: de basis
Het boek start met een heldere uitleg van wat neurodiversiteit eigenlijk is. Geen ingewikkelde vaktaal, maar duidelijke, toegankelijke uitleg over hoe verschillend breinen kunnen werken.
Wat mij hier vooral opviel: het normaliseert verschil. Het haalt de lading van ‘anders zijn’ eraf. Geen afwijking, maar variatie. En dat is een belangrijk fundament. De interviews tussendoor geven meteen kleur. Het maakt het menselijk. Je leest geen theorie, je voelt de praktijk.
Deel 2 – Neurodivergente breinen en gezondheid
Hier wordt het iets dieper. Hoe werken verschillende breinen? Wat betekent dat voor energie, prikkelverwerking en mentale gezondheid? Dit deel vond ik sterk omdat het inzicht geeft in iets wat vaak onzichtbaar is. Je ziet gedrag, maar je snapt niet altijd waar het vandaan komt. Dit hoofdstuk helpt je om die laag beter te begrijpen. Maar tegelijkertijd bleef ik hier ook denken: interessant… maar hoe pas ik dit morgen toe?
Deel 3 – School en werk
Dit is misschien wel het meest relevante deel voor organisaties en leiders.
Een tikkeltje anders is eigenlijk heel normaal laat zien hoe systemen (zoals onderwijs en werk) vaak ingericht zijn op ‘het gemiddelde brein’. En dat is precies waar het schuurt. Wat ik sterk vond: het maakt pijnlijk duidelijk hoeveel potentieel er verloren gaat omdat we mensen proberen te laten passen in een systeem, in plaats van andersom. De vertaalslag naar werkgevers is waardevol, maar blijft wat mij betreft nog te algemeen. Je voelt dat hier méér uit te halen was.
Deel 4 t/m 9 – Specifieke breinen (autisme, ADHD, dyslexie, hoogbegaafdheid, HSP, introversie)
Dit deel is uitgebreid en informatief. Elk ‘type brein’ wordt uitgelegd vanuit:
- Geschiedenis
- Kenmerken
- Hoe het brein werkt
- Uitdagingen
- Krachten
- Toepassing op de werkvloer
Wat hier goed werkt, is de nuance. Geen stereotypering, maar een gebalanceerd beeld. Sterktes én uitdagingen. De interviews maken dit deel echt waardevol. Je kijkt letterlijk door de ogen van iemand anders. En dat is misschien wel de grootste kracht van dit boek: het creëert begrip. Maar eerlijk is eerlijk: het blijft vooral beschrijvend. Je leert veel, maar je krijgt weinig concrete tools om er actief mee aan de slag te gaan.
In deel 10 tot slot is er aandacht voor minder bekende neurotypes. Een mooie toevoeging. Dit laat zien dat het spectrum nog breder is dan we vaak denken.
Het boek doorbreekt hiermee het idee dat neurodiversiteit ‘een paar labels’ zijn. Het is veel rijker, complexer en interessanter dan dat.
Wat vond ik ervan?
Laat ik beginnen met de positieve kant: dit boek is sterk. Echt sterk. Het onderwerp is enorm relevant. Misschien wel belangrijker dan ooit. In een wereld waarin we steeds meer verwachten van mensen, maar nog te weinig begrijpen hoe verschillend we zijn.
De opbouw is logisch, de schrijfstijl is prettig en toegankelijk en de interviews zijn een enorme meerwaarde. Die maken het levendig, herkenbaar en menselijk. Wat mij vooral raakte, is de boodschap onder alles: Iedereen wil gezien en begrepen worden. Maar dat vraagt dat we anders leren kijken. En precies dat doet dit boek goed.
Maar… (en dit is een belangrijke maar) Voor mij bleef het te veel hangen in uitleg en beschrijving. Ik miste de vertaalslag naar de praktijk. Wat betekent dit concreet voor teams? Voor leiders? Voor samenwerking? Voor performance? Het boek geeft je inzicht, maar nog onvoldoende handvatten om er echt iets mee te dóen. En dat is zonde. Want juist hier ligt de grootste kans.
Conclusie
Een tikkeltje anders is eigenlijk heel normaal is een boek dat je blik verruimt. Dat je laat stilstaan. Dat je helpt om met meer begrip naar mensen te kijken.
Maar als je mij vraagt: dit is stap één. Bewustwording en inzicht is absoluut aanwezig in het boek. Maar actie… nog niet genoeg wat mij betreft.
En toch wil ik Een tikkeltje anders is eigenlijk heel normaal absoluut aanraden. Voor leiders. Voor HR. Voor teams. Voor iedereen die met mensen werkt (en dat zijn we allemaal). Want als we écht teams willen bouwen, dan begint dat hier. Niet bij processen. Niet bij targets. Maar bij begrip. En dit boek laat je in ieder geval zien waar het begint.
Over Hendrika Willemse-Vreugdenhil
Hendrika Willemse-Vreugdenhil is spreker, performance strategist en voormalig topsporter. Ze werkte ruim 20 jaar in de techsector. Ze heeft haar eigen IT-bedrijf opgebouwd en met succes verkocht en bekleedde daarna directie- en managementfuncties bij verschillende techbedrijven.